Profielen

Piet Kraak

14-2-1921 Velsen - 28-4-1984
clubs: VSV Velsen, Stormvogels IJmuiden, Holland Sport Den Haag, Elinkwijk Utrecht
interlands: 33 x 1946 t/m 1959

Piet Kraak was in 1932 in Velsen bij VSV met voetballen begonnen. Twee jaar later stapte hij over naar rivaal Stormvogels. Van die club bleef hij twintig jaar lid. In de rumoerige dagen voor de komst van het semi-beroepsvoetbal in Nederland, koos Kraak voor het ‘wilde’ profvoetbal bij de Haagse Profs. Zijn plaats in het Nederlands elftal had hij twee jaar eerder al moeten afstaan aan Wim Landman.

Als jongen van negentien jaar werd Piet Kraak al gekozen voor de selectie van het Nederlands elftal. Als man van 38 jaar en acht maanden werd hij nog eens terug gehaald bij Oranje. Een oudere speler is nooit voor de nationale ploeg uitgekomen. Abe Lenstra zat er met zijn 38 jaar en vijf maanden bij zijn laatste interland wel vlak bij.  Kraak en Lenstra waren tijdgenoten. Lenstra mocht nog net voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog debuteren. De wedstrijd tegen Luxemburg op 12 mei 1940 waarvoor Kraak was geselecteerd en Joop Wille van EDO als eerste doelman was opgesteld, moest wegens de oorlog zes jaar worden uitgesteld. In die geannuleerde wedstrijd in Luxemburg zou trouwens een speler meedoen, die nadien geen nieuwe kans meer in Oranje kreeg en dus niet officieel als international te boek staat.  

Piet Kraak deed ook meer dan alleen maar voetballen. Hij was enige tijd agent van politie, later had hij een café in Utrecht en tot verbazing van zijn toenmalige club Elinkwijk vertrok hij in 1956 plotseling naar Zeeland. In die provincie combineerde hij het trainen van enkele amateurclubs met het runnen van een hotel in Zierikzee. Even onverwacht als hij was gekomen, vertrok hij ook weer uit het Schouwse stadje, om vervolgens gewoon weer bij Elinkwijk onder de lat te gaan staan.

Als veteraan beleefde hij in het seizoen 1959/60 een hoogtepunt en een dieptepunt. Bij de club uit Zuilen deed hij het zo goed, dat bondscoach Elek Schwartz bij hem aanklopte, toen zich bij Oranje voor de wedstrijd tegen de Noorse amateurs een keepersprobleem voor deed. De keepers een tot en met drie, Frans de Munck (DOS), Eddy Pieters Graafland (Feyenoord) en Andries van Dijk (Sparta) waren niet beschikbaar en in nummer vier, de kort tevoren tegen West-Duitsland reserve zittende Otto Roffel (GVAV), had Schwartz niet voldoende vertrouwen. Dus kwam Piet Kraak zeven jaar na zijn laatste optreden in het Nederlands elftal terug en werd de PSV er Pim Bekkering als feitelijke nummer zes in de rangorde, reservedoelman. Kraak had tegen Noorwegen weinig te doen. Oranje telde met Faas Wilkes (36), Kees Rijvers (33) en Cor van der Hart (31) nog meer dertigers. De ploeg had een gemiddelde leeftijd van 29 jaar, maar deed het prima: 7-1.

In hetzelfde seizoen van zijn rentree bij het Nederlands elftal, werd Kraak door het bestuur van Elinkwijk van de ene op de andere dag afgedankt. De doelman werd schuldig bevonden aan een nederlaag tegen Fortuna 54 en omdat hij een slechte invloed zou hebben op de andere spelers, werd het hem verboden nog langer deel uit te maken van de selectie.   Kraak kreeg in 33 interlands niet minder dan 99 doelpunten tegen. Toch was hij een doelman van grote klasse. Na zijn loopbaan als keeper, was Kraak trainer van Zuidvogels (Huizen), Blauw Wit, Velox, VV Utrecht en LFC (Leiden). Via een aanbeveling van bondscoach Georg Kessler werd hij in 1970 trainer bij de Deense club Aalborg. In Denemarken werd hij getroffen door een hersenbloeding. Ruim twee jaar lag hij in coma, voordat hij overleed.


© Voetballegends 2018